Wandelende roos
Besmettelijke huidmijt die grote schilfers en jeuk veroorzaakt en ook op mensen en katten overdraagbaar is.
Advertentie
Adverteer hier
in Zeeland€ 50/mnd
Cheyletiella is een kleine huidmijt die leeft op het oppervlak van de huid en zich voedt met huidcellen en weefselvocht. De mijt wordt ook wel "wandelende roos" of schilfermijt genoemd. De meest voorkomende soort bij honden is Cheyletiella yasguri, hoewel de mijten in de praktijk ook andere gastheren kunnen infecteren.
Besmetting
Overdracht verloopt via direct contact met een besmet dier. Het vrouwtje legt haar eieren vastgehecht aan de haren en blijft haar gehele levenscyclus op hetzelfde dier. Ze kan echter tot tien dagen in de omgeving overleven. Naast honden kunnen ook katten en konijnen worden aangetast. Bij mensen veroorzaken de mijten tijdelijk rode, jeukende bultjes op de armen en romp; deze verdwijnen vanzelf.
Symptomen
Sommige honden vertonen geen klachten. Andere honden ontwikkelen overmatige schilfering van de huid, met name langs de rug, en wisselende jeuk. De schilfers bewegen soms zichtbaar mee met de vacht — vandaar de bijnaam "wandelende roos".
Diagnose
De mijten zijn met het blote oog soms zichtbaar als kleine bewegende stipjes van ongeveer 0,5 mm. Voor een zekere diagnose wordt een huidmonster genomen met een fijne kam, een oppervlakkig afkrabsel of een stukje plakband. Microscopisch onderzoek maakt de mijten en hun eieren zichtbaar.
Behandeling
Cheyletiella reageert goed op middelen die ook worden ingezet bij vlooienbestrijding, zoals selamectine. Omdat de aandoening besmettelijk is, moeten alle contactdieren gelijktijdig worden behandeld. De leefomgeving dient grondig te worden gereinigd om herbesmetting te voorkomen. Contactpersonen hoeven niet behandeld te worden; hun klachten verdwijnen uit zichzelf.