Advertentie

Adverteer in de header

in Zeeland

Zichtbaar op elke pagina — maximale bereik

€ 149/mnd

Adverteren

Alles over Honden

Informatie over hondenrassen

Poolse Brak

Poolse Brak — hondenras foto

De Poolse Brak is een robuuste Poolse speurhond met een kenmerkend zwart-tan kleurpatroon, gefokt voor de jacht in bergachtig terrein.

Energieniveau

Hoog

Bewegingsbehoefte

Hoog

Vriendelijkheid

Gemiddeld

Kindvriendelijk

Gemiddeld

Andere huisdieren

Gemiddeld

Trainbaarheid

Gemiddeld

Verzorgingsbehoefte

Zeer laag

Blafniveau

Gemiddeld

Verharen

Laag

Advertentie

Adverteer hier

in Zeeland

€ 100/mnd

Adverteren

1. Poolse Brak kopen en prijzen

Neem voor het kopen van een Poolse Brak altijd contact op met een erkende fokker of rasvereniging. Zo weet je zeker dat de pup gezond is en verantwoord gefokt.

2. Poolse Brak in het kort

De Poolse Brak (Pools: Ogar Polski) is een middelgrote, robuuste speurhond afkomstig uit Polen. Hij behoort tot FCI-groep 6 (speurhonden en verwante rassen), sectie 1.1 (grote speurhonden), met werkproef vereist. Hoewel hij als groot formaat staat geclassificeerd, is hij in werkelijkheid een stevige, middelgroot gebouwde hond met een krachtige bouw gericht op uithoudingsvermogen in plaats van snelheid.

De Poolse Brak werd van oudsher ingezet voor de jacht op hazen, vossen, reeën en wild zwijn, en ook bij de eendenjacht om wilde eenden uit het riet op te drijven. Tegenwoordig worden Poolse Brakken in Polen voornamelijk ingezet voor de jacht op wild zwijn en vos. Zijn diepe, doordringende stem — bij mannetjes laag, bij vrouwtjes hoger — is een van zijn meest gewaardeerde kenmerken.

De hond maakt een stevig en spiervol, maar toch evenwichtig oud-indruk. De schofthoogte bedraagt bij reuen 56–65 cm, bij teven 55–60 cm. Het ras is ingeschreven bij de FCI onder nummer 52, na de eerste officiële standaard in 1966. De huidige geldige standaard dateert van 3 november 2014.

3. Karakter en temperament van de Poolse Brak

De Poolse Brak is zowel een uitstekende jachthond als een uitstekende gezinshond — een zeldzame combinatie die dit ras bijzonder veelzijdig maakt. Op de jacht vervolgt hij wild op het hete spoor met luid blaffen; zijn luide, doordringende stem klinkt ver in het veld en wordt door jagers aangeduid als «aanslaan» of «de jacht». Deze jachteigenschap is diepgeworteld in zijn aard.

Buiten de jacht is de Poolse Brak een uitstekende gezinshond: gemakkelijk in onderhoud, toegewijd aan zijn huishouden en voorzichtig tegenover vreemden. De FCI-standaard omschrijft hem als een uitstekende familiehond die makkelijk te onderhouden is en trouw is aan zijn gezin. Hij is geen agressieve waakhond, maar zijn waakzaamheid en zijn lage, indrukwekkende stem hebben wel een afschrikwekkend effect.

  • Uitstekende jachthond met sterke neuswerking
  • Karakteristieke diepe stem bij het volgen van een spoor
  • Trouw en toegewijd gezinshond
  • Gemakkelijk in omgang en onderhoud
  • Voorzichtig tegenover vreemden

Met kinderen gaat de Poolse Brak doorgaans goed om. Hij is geduldig en robuust genoeg om wat ruig spel te verdragen. Met andere honden is hij sociaal. Vroege socialisatie is aan te raden om zijn waakzame instinct in de juiste banen te leiden.

4. Uiterlijk van de Poolse Brak

De Poolse Brak is een middelgrote hond met een spiervol, eerder zwaar gebouwde lichaam dat gericht is op uithoudingsvermogen. Het lichaamsprofiel is rechthoekig: de lichaamslengte is iets groter dan de schofthoogte. De schofthoogte bedraagt bij reuen 56–65 cm, bij teven 55–60 cm.

4.1 Hoofd

Het hoofd is vrij zwaar en heeft in profiel een middelmatig lang rechthoekig aanzien. De schedel is breed en matig gewelfd tussen de oren, met goed ontwikkelde wenkbrauwkammen en een duidelijke achterhoofdskam. De stop is goed gedefinieerd. De neus is groot, breed en donker. De snuit is langwerpig, van opzij diep en afgeknot aan de punt, met een rechte neusrug. De bovenlip is dik en hangend, met plooien in de mondhoeken. De ogen zijn licht schuin, niet te diepliggend, donkerbruin, met een zachte uitdrukking. De oren zijn afhangend, vrij laag aangehecht, van gemiddelde lengte en breedte, licht afgerond aan de punt.

4.2 Romp en staart

De hals is van gemiddelde lengte, spiervol en dik, met losse huid die een plooihuid vormt (dewlap). De rug is lang, breed en gespierd. De borst is diep, bereikt de ellebogen, matig breed. De buik is niet opgetrokken. De staart is dik, vrij laag aangehecht, bereikt tot iets onder het spronggewricht, licht gebogen.

4.3 Vacht en kleur

De vacht is op hoofd, snuit, oren en ledematen kort en glad; op andere lichaamsdelen van gemiddelde lengte, dik en hard. De kleur is donker zadel met tan: zwarte of donkergrijze zadeltekening met vosrode tot mahoniekleurige aantekeningstekening.

5. Gezondheid van de Poolse Brak

De Poolse Brak is een van nature robuust en gezond ras dat weinig rasspecifieke erfelijke aandoeningen kent. Zijn eeuwenlange selectie als werkende jachthond heeft bijgedragen aan een sterke constitutie en een goede algehele gezondheid.

Als grotere hond met een diepe borst is maagdraaiing (GDV) een relevant risico. Het geven van meerdere kleine maaltijden per dag en het vermijden van intensieve activiteit rondom de maaltijden zijn de meest effectieve preventieve maatregelen. Symptomen als een opgezwollen buik, rustéloze houding en mislukte braakpogingen vereisen onmiddellijke veterinaire aandacht.

Heupdysplasie en elleboogdysplasie zijn de meest relevante erfelijke gewrichtsaandoeningen bij dit formaat hond. Bij de aankoop van een pup is het raadzaam te vragen naar de dysplasie-scores van beide ouders. Verantwoorde fokkers laten hun fokdieren screenen.

De losse onderlip en de plooihuid aan de hals zijn raskenmerken die echter extra aandacht verdienen: de halsplooien en mondhoekplooien kunnen vochtig worden en huidirritaties of infecties veroorzaken. Regelmatige inspectie en reiniging van deze plooien is aanbevolen. Ook de hangende oren zijn vatbaar voor oorontsteking. De levensverwachting bedraagt gemiddeld 12 tot 14 jaar.

  • Voorzorgsmaatregelen voor maagdraaiing
  • Vraag naar dysplasie-scores bij fokkers
  • Controleer hals- en mondhoekplooien regelmatig
  • Controleer oren wekelijks op infectie
  • Levensverwachting: circa 12–14 jaar

6. Verzorging van de Poolse Brak

De Poolse Brak is een betrekkelijk gemakkelijk te verzorgen hond. Zijn vacht is niet overdreven lang en vereist geen intensief trimmen, maar aandacht voor zijn specifieke raskenmerken is noodzakelijk.

6.1 Vachtverzorging

De vacht van de Poolse Brak is op het hoofd en de ledematen kort en glad, op de rest van het lichaam van gemiddelde lengte. Wekelijks borstelen met een stevige borstel of een rubberen hondenmassageborstel volstaat om losse haren te verwijderen en de huid te stimuleren. Tijdens de ruiperiode is vaker borstelen aan te raden. De halsplooien en de lippenhoekplooien dienen regelmatig geïnspecteerd en schoongemaakt te worden om huidirritatie of infectie te voorkomen. Oren controleren is wekelijkse routine.

6.2 Beweging en activiteit

Als speurhond met uithoudingsvermogen heeft de Poolse Brak dagelijks substantiële beweging nodig. Lange wandelingen in de natuur, bij voorkeur met mogelijkheid tot snuffelen en vrij bewegen in een omheind gebied, zijn essentieel. Jacht, speurhondoefeningen en mantrailing sluiten goed aan bij zijn aanleg. Hij is niet geschikt voor een sedentair leven in een appartement zonder dagelijkse uitgebreide beweging.

6.3 Voeding

Geef twee tot drie maaltijden per dag van hoogwaardig, leeftijds- en activiteitsafhankelijk voer. Zijn stevige lichaamsbouw maakt hem vatbaar voor overgewicht wanneer hij onvoldoende beweegt. Wees consistent in de portiegrootte en vermijd extra snoepjes.

7. Geschiedenis van de Poolse Brak

De Poolse Brak is een van de oudst gedocumenteerde jachthondenrassen van Europa. De eerste vermeldingen van de jacht met honden in Polen zijn te vinden in de Kronieken van Gallus Anonymus, daterend uit de elfde eeuw. In veertiende-eeuwse kronieken wordt al specifiek vermeld dat «ogar»-honden gefokt werden voor de koninklijke jacht.

De naam ogar is terug te vinden in het werk Boek over de landelijke kunsten van Piotr Krescentyn, gepubliceerd in Krakau in 1549, en in Het leven van een eerlijk man van Mikołaj Rej uit 1568. In 1618 publiceerde het Krakovische huis de Jacht met ogar-honden door graaf Jan Ostroróg, wat beschouwd kan worden als de eerste Poolse cynologische gids met fokprincipes.

Na de bezettingen van Polen en de Tweede Wereldoorlog was het ras vrijwel verdwenen uit het nieuwe Polen. In 1959 importeerde kolonel Piotr Kartawik de eerste vier Poolse Brakken vanuit zijn thuisland (het huidige Belarus) en vestigde hij het eerste naoorlogse Poolse Brak-kennel onder de naam «z Kresów» («uit de Grensgebieden»). Op basis van deze honden schreef ingenieur Jerzy Dylewski in 1964 de eerste rasstandaard, die op 15 november 1966 werd opgenomen in het FCI-register onder nummer 52. De huidige geldige standaard dateert van 3 november 2014.

Veelgestelde vragen over de Poolse Brak

Alle fokkers bij mij in de buurt

Bekijk het complete overzicht van hondenfokkers in jouw provincie.

Bekijk alles

Cookies

We gebruiken cookies om bezoek te meten en de site te verbeteren. Lees meer in ons cookiebeleid.